jojannekeinangola.punt.nl
Laatste artikelen
Angola is een herinnering geworden. Een levende herinnering die zeker nog aangevuld zal worden, maar voorlopig niet. Voorlopig zit ik weer in Nederland. Terug op vaderlandse bodem. Dit weblog staat op nonactief.
 
In plaats daarvan kijk ik nu weer elke dag vol verwachting naar het weer, dans ik de kizomba in mijn eentje op drie hoog in een donker Amsterdams appartement, fiets ik door de regen en vergeet ik mijn Portugees.
 
Het is duidelijk dat er genoeg te missen valt. En dus koester ik de herinnering.


--------Nieuwsflits--------------------Nieuwsflits--------------Nieuwsflits----------
 
Ook jij/u/jullie kunnen nu mee koesteren. 
 
Om mijn herinneringen levend te houden heeft Uitgeverij JasmijnDeVos&ArthurMolenaar BV in samenwerking met lulu.com besloten de verzamelde logs te publiceren. U kunt hier uw eigen exemplaar bemachtigen.
 
Voor de échte liefhebber
Lees meer...
De verhuizers lopen door ons huis. Waar we eens gasten ontvingen, maaltijden voorbereiden en discussieerden over de eigenaardigheden van dit land dat we thuis noemen, staan nu rommelige dozen en stukken huisraad die we niet meenemen. Waren het maar alleen materiële zaken die we achterlaten......
 
Onze werkster en vriendin, staat in de keuken weer te huilen. Zodra de verhuizers mijn computer inpakken, vertrekken we nog een keer naar kantoor om afscheid te nemen van onze collega's. De Familie CARE.

Nog een keer een kizomba dansen. Nog een keer semba.
 
Ik stop nu, wil niet langer nadenken over wat we allemaal gaan missen. 
 
Saudades, saudades.
Lees meer...
We keken er eigenlijk helemaal niet van op; we waren niet geschokt. Dat vonden we nog het raarst van de hele situatie.  `Tja, dit is Luanda` zeiden we tegen elkaar. En we liepen verder.
 
 
Dit is wat er gebeurde:
 
 
Alice en ik lopen langs de vloedlijn op de Ilha, het schiereiland in de baai van Luanda. Een paar meter voor ons zien we een tweetal mannen in de weer met een lap stof, terwijl verderop het strand een politieagente in een telefoon staat te praten. Als we dichterbij komen zien we dat de mannen een lijk bedekt hebben. We kijken om ons heen. Ligt daar echt een lijk? Ja, daar ligt echt een lijk.
 
We lopen door. Langs een paar daklozen die in tentjes op het strand wonen en op 50 meter van het lijk: een vrijend stelletje. Er is maar een conclusie mogelijk. Dit is Luanda.
Lees meer...
Als je lange tijd ergens woont, begin je de dingen die je in het begin gek of verassend vond, normaal te vinden. Dat er ’s avonds een heerlijk briesje waait als ik in mijn zomerjurkje naar het theater loop, is voor jullie in het koude en natte Nederland misschien jaloersmakend, maar ik kijk er niet meer van op of om. Dat ik geen sokken bezit is de normaalste zaak van de wereld en dat ik boodschappen doe vanuit het autoraam is super handig, maar al lang geen exotische eigenaardigheid meer. Ik ben niet van mijn stuk gebracht als er geen water is of het licht uitvalt. En de vrouwen die met nasale roep hun koopwaar aanprijzen, terwijl ze ’s ochtend vroeg door de straat lopen, horen zo bij mijn dag dat ik ze soms niet eens meer hoor.  
 
Er zijn dingen waarvoor ik mijn best moet doen om er niet aan te wennen, zodat ik er elke keer weer volop van kan genieten. Zo wordt ik nog steeds erg blij van alle duimen die in de lucht in gaan als ik mensen groet, of het “amiga, amiga!” geroep en de brede glimlachen. Als ik op mijn slippers door het zand loop, op weg naar kantoor, en hier en daar een praatje maak, prent ik mezelf in dat ik dit niet mag vergeten. Juist de kleine dingen niet. De momenten van alledag, die me eigenlijk al helemaal niet meer opvallen.  
 
Maar er zijn ook dingen waar ik absoluut niet aan wennen kan. Plastic kerstbomen en kerstmannen die in palmbomen klimmen bijvoorbeeld. Er gaat geen enkele kerstboom onopgemerkt aan mij voorbij. Elke keer als iemand zich met zo’n ding naast me in de taxi wurmt, probeer ik me voor te stellen in welk huis de boom terecht zal komen. Of de familie ooit een echte dennenboom gezien heeft en waarom ze niet gewoon lekker naar het strand gaan met kerst.  
 
Heerlijk om me zo te kunnen verwonderen.    
 
Fijne feestdagen allemaal!
 
Lees meer...
Terwijl ik antropologie ben gaan studeren omdat ik gefascineerd was door verschillen, merk ik nu juist hoe leuk het is om te merken hoe hetzelfde we allemaal zijn. In Angola wonen en werken klinkt erg spannend, en gelukkig is het dat vaak ook. Maar vaker nog is het volstrekt normaal en zie ik meer overeenkomsten dan verschillen.  
 
Gister ging ik met collega’s naar het veld om een forum bij te wonen waar de dorpsbewoners de gemeenteraad en CARE kunnen aanspreken op hun werk en aangeven waar hun eigen prioriteiten liggen. Er werd gepassioneerd gesproken over de noodzaak om traditionele vroedvrouwen op te leiden in dorpen waar geen kliniek is, en niet, zoals nu gebeurd is in de grootste gemeente. Ik ben in Nederland nog nooit op een inspraakavond geweest, maar ik kan me zo voorstellen dat het daar ook zo aan toe gaat.
 
Nadat de lopende projecten waren doorgenomen en nieuwe projecten waren aangedragen, lieten we een film zien. De film ging over een jong meisje dat van haar tante advies krijgt over jongens, ze krijgt te horen dat ze zich niet zomaar moet laten verleiden door cadeautjes en geld en dat ze haar eigenwaarde moet bewaren.
 
Direct na de aftiteling begon de discussie. De mannen en vrouwen in de zaal begonnen opgewonden door elkaar heen te praten” Die tante heeft gelijk” hoorde ik iemand zeggen, “Dat meisje luistert niet, en dat hebben wij hier nou ook altijd!” riep een ander. Toen het lukte de discussie in banen te leiden, bleek het een hoog ”de jeugd van tegenwoordig”-gehalte te hebben. Wat blijkt? De jeugd van tegenwoordig luister niet meer naar het advies van familieleden. “Onze familiebanden verzwakken” aldus een oude man, “de jongeren trekken weg naar de stad en als ze terugkomen begrijpen we hen niet meer.” Een eveneens oude buurman viel hem onmiddellijk bij “Inderdaad ja, de jeugd vergeet onze waarden. Als ik advies geef, reageren mijn kleinkinderen met de opmerking dat ik ouderwets ben”.  Heel herkenbaar allemaal. Maar het grappige is dat, ondanks het universeel slechte gedrag van de jeugd van tegenwoordig, leeftijd hier toch respect afdwingt. Ik heb mijn argument “maar ik ben ouder dan jij” al lang achter me moeten laten. Hier hoeft dat niet. Zo was ik laatst op een forum in Luanda en hoorde ik een lastige en luidruchtige man succesvol, en in zijn voordeel, een discussie smoren met de opmerking “Tsshey, ben ik niet ouder dan jij? Heb wat respect!”
 
 
 
 
 
Lees meer...   (1 reactie)
We hebben deze week eindelijk tegen onze schoonmaakster gezegd dat we in februari Angola verlaten.
 
Het gesprek verliep als volgt:
 
“Mado, we hebben slecht nieuws. We vertrekken uit Angola”
“……..” 
“Onze contracten lopen af en we missen onze familie” 
“……..” 
“We gaan op zoek naar een nieuwe baan voor je” 
“……..” 
Mado loopt naar  de bank en staart naar het plafond 
“…….”
“…….”
Arthur en ik kijken elkaar.
“wat nu?”
“…….”
“…….”
“…….”
Mado knijpt in haar ogen 
“…….” 
Arthur en ik weten niet wat we moeten zeggen….
“…….”
“…….” 
Arthur doet nog een dappere poging 
“We gaan er alles aan doen om een nieuwe baan voor je vinden. Je doet je werk goed, bent te vertrouwen en bovendien heel sympathiek. Het moet lukken iets voor je te vinden” 
“Maar dat is niet voor senhor Arthur en Jojó”
Mado staat op en loopt weg, maar ik kan haar nog net vastpakken en knuffelen voordat ze in tranen uitbarst. En ook ik pink het eerste traantje dat afscheid met zich meebrengt.
Lees meer...
Arnaldo probeert er luchtig over te doen: “Mijn laatste minuten vrijheid” zegt hij, met een zenuwachtig lachje. De zweetdruppeltjes op zijn voorhoofd geven zijn nerveuze blik extra intensiteit. We hebben onze mooiste kleren aan en treffen op de hoek van de markt de laatste voorbereidingen. Het wachten is op de witte zakdoek waar de brief in verwikkeld moet worden. De brief waarin Arnaldo de familie van zijn vriendin belooft dat hij goed voor haar zal zorgen, om dat te bewijzen stopt hij er $500 bij. Arnaldo´s oom komt de zakdoek brengen, maar staat vast in het verkeer. Arnaldo maakt zich grote zorgen over de boete die hij moet betalen als ze te laat bij het huis van zijn vriendin aankomen. De spanning is voelbaar en wij prijzen ons gelukkig dat we erbij mogen zijn.
 
 
 
We hebben onlangs onze eerste pedido gevierd. Ik keek er erg naar uit, want ik heb me herhaaldelijk laten vertellen dat de pedido voor Angolezen het belangrijkste feest is, belangrijker nog dan het huwelijk. De pedido is het moment waarop de beide families van het toekomstig bruidspaar een trouwdatum prikken. Mits de familie van de vrouw de toekomstige echtgenoot heeft goedgekeurd en tevreden is met de kado´s die door zijn familie zijn aangeboden. De onderhandelingen zijn een serieuze zaak. We hadden met Arnaldo al wel gesproken over het lijstje eisen van de familie van zijn vriendin (Jolanda), maar ik had me niet gerealiseerd hoe belangrijk het was.  
 
Als we het huis van Jolanda´s familie binnenstappen, zoenen we de familieleden van haar zijde die al aanwezig zijn. Als we gaan zitten valt er een stilte. Ik heb geen idee wat er gaat gebeuren, dus kijk wat om me heen. Dan klapt Jolanda´s opa in drie keer in zijn handen en iedereen volgt hem. “We klappen in onze handen om de aandacht te vragen. Dat is onze cultuur. De cultuur van de Bakongo. Het is belangrijk dat onze jeugd zijn cultuur niet vergeet”.  
 
Het mooiste daaraan vond ik dat de oude culturele gewoonte gebruikt werd om ons te informeren over iets wat nog net geen cultuur genoemd kan worden, maar wel minstens zo belangrijk is in het dagelijks leven: files. De vader van de bruid stond nog vast in de file en de onderhandelingen moesten dus nog even uitgesteld worden.  
 
Als iedereen binnen is, wordt het gesprek officieel geopend. De witte zakdoek met de brief wordt overhandigd en geopend en het geld wordt geteld.  Arthur helpt vervolgens met het binnendragen van de kado´s. In het midden van de cirkel worden tien kratten bier neergezet en tien treetjes frisdrank, 1 doos compal vruchtensap, 2 flessen champagne, 1 fles wiskey, 1 fles amarula, 1 paar schoenen, 1 herenpak, 2 panos en 2 damesbloezen.  
 
Tot mijn verbazing worden alle kado’s aan een grondige inspectie onderworpen. De schoenen worden onmiddellijk de grond in gestampt. De kwaliteit is ver onder de maat, aldus de vader van de bruid. Hij hoeft zulke schoenen niet. De panos, de lappen stof, zijn de familie ook onwaardig. De moeder van de bruid wilde Wax Holandais. En de lappen die Arnaldo meebracht komen niet uit Holland, maar uit Cabinda. Er wordt wat heen en weer geroepen tussen de twee families totdat de familie van Jolanda zich terugtrekt om te bespreken of ze akkoord gaan en er datum voor het huwelijk geprikt kan worden. Jolanda heeft zich nog altijd niet laten zien en ik vraag me af of ze kan horen wat er hier door haar familie wordt besproken.  
 
Het begint lang te duren. Arnaldo zit met zijn armen over elkaar en mompelt af en toe dat ze duidelijker hadden moeten zijn op hun wensenlijst.” Zijn het laarzen?” vraagt íe me. “Nee, het zijn schoenen” antwoord ik. Hij knikt me toe, “Het zijn schoenen!”.  
 
We proberen te analyseren welke kant het gesprek op gaat. We lachen nog wat om de onredelijke vraag voor Wax Holandais en grappen dat een Nederlands stel toch veel beter is dan een stukje Nederlandse stof. Onze kant van de familie is het erover eens dat Jolanda’s familie duidelijker hadden moeten zijn op het lijstje. Als ze kwaliteitsschoenen wilden, hadden ze dat zo op moeten schrijven. Als de familie terugkeert wordt al snel duidelijk dat ze het huwelijk zullen accepteren, maar er wordt nog wel nadruk gelegd op het feit dat Arnaldo “via het raam is binnengekomen”, in plaats van via de voordeur. Arnaldo heeft zijn vriendin namelijk al zwanger gemaakt. En die zwangerschap wordt dat ook de inzet voor de onderhandelingen over de trouwdatum. 
 
Jolanda’s familie wil dat ze binnen drie maanden trouwen, nog voordat de baby geboren is. Ik weet dat Jolanda en Arnaldo zelf liever wachten tot na de geboorte, maar zij hebben in deze onderhandelingen niets te zeggen. De oom van Arnoldo geeft een tegenvoorstel: het huwelijk zal over 1 jaar plaatsvinden. Gehoon en gelach is het antwoord. Een jaar wachten is geen optie. De reden daarvoor wordt uitgelegd door Jolanda’s vader en de broer van haar opa.  
 
“Ik zat in dezelfde situatie als Arnaldo nu,” begint de broer van Jolanda’s opa. “ik had een meisje zwanger gemaakt en deed een pedido. De families besloten dat we een jaar na de pedido zouden trouwen, maar voordat het zover was had ik al weer twee andere meisjes zwanger gemaakt. Ik ben uiteindelijk met de tweede getrouwd”. Jolanda’s vader is met zijn familie aanwezig bij de pedido en hoeft dus bijna niets meer uit te leggen. Hij is nooit getrouwd met Jolanda’s moeder. Hij verduidelijkt de zaak nog even door te zeggen: “Als Arnaldo straks de dochter van een generaal bezwangert, heeft hij feitelijk geen keus meer, dan zal hij met dát meisje trouwen en niet met onze dochter”. Arnaldo zit naast me op fluistertoon te briesen. “Hoe kunnen ze dat zeggen? Ik hou van haar, ik zou dat nooit doen. Wat denken ze wel?”
 
Terwijl er achteraf om gelachen werd, was de spanning tastbaar. Ik was gelukkig dat ik dit bijzondere moment mee mocht maken, maar merkte dat ik niet langer alleen als observant mee wilde doen. Ik had de neiging om mijn vriend te beschermen, om uit te leggen dat Arnaldo een van de liefste jongens is die ik ken. Een rechtvaardig mens die het verdient met respect behandelt te worden. Maar voor ik dat kan doen, wordt de spanning verbroken door een akkoord over de trouwdatum.  
 
Jolanda wordt binnengeleid door haar moeder. Er wordt geklapt. Ze wordt neergezet in de lege stoel naast Arnaldo en vrijwel onmiddellijk begint de familie te roepen om een zoen. Ze hebben elkaar nog niet aangekeken en er zijn geen glimlachen te ontdekken, maar ze staan braaf op en onder luid gejuich wisselen ze een tongzoen uit. 
 
Als we bij de feestlocatie zijn aangekomen is alle spanning verdwenen. We eten, we drinken, we dansen. En we laten ons meesleuren in de romantiek, want het grote verzoek is een groot feest geworden!
 
 
 
 
 
 
 
 
Lees meer...   (1 reactie)
De “vader van de natie”, dokter Antonio Agostinho Neto, heeft vele namen. Hij is “de held”, de “eerste president”, maar ook de “grote dichter”. Agostinho Neto stond aan de voorhoede van de strijd om onafhankelijkheid van Portugal en werd in 1975 de eerste president van het onafhankelijke Angola. Zijn roem heeft hij niet alleen te danken aan zijn militair en politiek leiderschap. Agostinho Neto was ook Angola´s grootste poet.
 
Zijn geboortedag, 17 september, wordt ieder jaar gevierd. Het is de dag van de Nationale Held en in heel Angola worden toespraken gehouden over wat Agostinho Neto voor Angola heeft betekent.  In de Bairro Popular, een volkswijk in de hoofdstad Luanda, organiseert de groep “Gesta Arte e letra” een avond vol muziek, literatuur en poëzie. De oude bioscoop zit vol jongeren die gedichten voordragen en discussiëren over de literaire erfenis van de oud-president.
 
Dat de dichter en president dezelfde man zijn, en dat de poëtische kwaliteiten verbonden zijn aan die van de vrijheidsstrijder en politicus wordt duidelijk uit de inhoud van de gedichten. De poëzie van Agostinho Neto is de poëzie van de strijd; het zijn gedichten over armoede en onrecht, maar ook over vastberadenheid en strijdkracht. De gedichten zijn onlosmakelijk verbonden aan de politieke geschiedenis van Angola. Het zijn onder andere deze gedichten die de Angolezen motiveerde de gewapende strijd tegen de Portugezen op te pakken. De gedichten hebben daarmee een politieke lading gekregen. De pen bleek het geheime wapen van de revolutie.
 
´Deze gedichten zijn niet voor mietjes´ lijkt de boodschap in de Bairro Popular. Stoere, gespierde jongens springen op het podium om vol passie en emotie de gedichten van de meester voor te dragen. Als een toneelgroep het gedicht `assim clamava esgotado’ naspeelt, waarin Neto reflecteert op het protest tegen zijn arrestatie, dat met militair geweld werd beantwoord en waarbij 30 mensen werden gedood, begint een man op de voorste rij te huilen. “Hou op” roept hij wanneer de acteurs op het podium Neto vernederen en de Portugese soldaten de Angolezen dwingen tot slavenarbeid, “zo is het genoeg”.
 
“De gedichten zijn nog steeds actueel” zegt Arnaldo Pipas, de gespreksleider van de avond. “De strijd tegen de Portugezen hebben we gewonnen, maar de strijd tegen armoede nog niet. Er is nog genoeg om voor te vechten en we moeten onze cultuur in leven houden zodat we die strijd niet vergeten.”  
 
 
Lees meer...   (1 reactie)
Vlak voordat ik de grondwet in mijn mandje met de citroenpers, potgrond en koffie leg, bedenk ik me. Die grondwet wordt binnenkort toch vervangen en dankzij de overweldigende overwinning van de regeringspartij MPLA, hoeft dat niet eens meer te gebeuren in overleg met de oppositie. Als ik naar de groentenafdeling loop, vraag ik me af of de grondwet in de uitverkoop ligt en hij in de supermartkt verkocht wordt omdat het oud nieuws is, of dat het model staat voor transparantie en het verkleinen van de kloof tussen burger en staat. Ik vind het wel wat: dat je naast je dagelijkse boodschappen ook de moeder-aller-wetten, de basisregels van de maatschappij, in de supermarkt kunt kopen.
 
Maar goed, die grondwet gaat dus veranderen en de nieuwe versie heb ik nog niet gevonden. Wanneer die op de markt komt, is nog niet zeker, want al heeft de MPLA met ruim 80% van de stemmen het recht in handen de grondwet te wijzigen en een nieuwe regering te vormen, de resultaten van de verkiezingen zijn nog niet definitief. Het wachten is op de behandeling van een klacht van oppositiepartij UNITA over het verloop van het stemproces in Luanda. Veel wordt daar niet van verwacht en in mijn omgeving wacht men dan ook vooral op het moment dat de MPLA de overwinning officieel kan vieren, en dat naar goed gebruik zal doen met “tolerância de pontos”.
 
 
 
De "voorlopige" resultaten:
 
Lees meer...
Ik zit er middenin, midden in het nieuws. Tenminste ik zit daar waar veel Angolezen ook zitten, aan de radio en TV gekluisterd, discussierend over het verloop van de verkiezingen, over het belang ervan en over de vraag hoe het nu verder zal gaan.
 
Vrijdag 5 september was een enerverende dag. Bij het wakker worden al vlogen klaagzangen over stembureaus die nog niet open waren over de radiogolven. De voorzitter van de Europese waarnemingscommissie sprak van een chaotische organisatie en haar woorden gingen direct de hele wereld over. Aan het ontbijt werd het geklaag al minder en vlak daarna zijn Arthur en ik polshoogte gaan nemen in de buurt. Wat opviel waren de rijen. Ik ken Angolezen alleen in de rij voor een voetbalwedstrijd, een concert, of gewoon bij de bakker. In al die situaties is het woord “rij” eigenlijk te veel gezegd. Het begrip rij lijkt hier weinig waarde te hebben en bij voetbalwedstrijden en concerten worden dan ook honden en agenten met stokken ingezet om de massa in banen te leiden. Bij de bakker kom je alleen aan de beurt als je assertief genoeg bent om anderen terug naar achter te duwen en zelf de plaats vooraan op te eisen. Nu was het anders. Bij de tafels waar gestemd kon worden stonden keurige rijen. Ik wist niet wat ik zag! Niemand drong voor en iedereen was kalm. Zodra mensen hun wijsvinger in de inkt stopte als bewijs dat ze gestemd hadden, verscheen een glimlach.
 
Arthur en ik vonden het prachtig en liepen van het ene stembureau naar het andere. Ondertussen kreeg het nieuws op de radio wat meer variatie. In veel provincies waren de stembureaus keurig om 7 uur open gegaan, er waren geen incidenten en rond het middaguur waren er nergens rijen meer. In Luanda was het beeld anders. Om 1 uur ‘s middags waren een aantal stembureaus nog steeds niet open. Bij andere stembureaus begonnen de stembiljetten op te raken, omdat -in tegenstelling tot hoe het gepland was- mensen zelf mochten kiezen waar ze gingen stemmen. Sommige stembureaus kregen daardoor veel meer stemmen te verwerken dan de 1000 waarvoor ze gepland hadden.  Gelukkig waren er ook stembureaus die nog biljetten overhadden en de kiezers werd aangeraden om zich bij die bureaus te melden. De zon stond steeds hoger aan de hemel en de verkiezingsfunctionarissen kregen honger. Het werd een van de meest gehoorde klachten over het stemproces: dat er niet voor eten was gezorgd voor de mensen die de ruim 12000 stembureaus bemanden.
 
Terwijl wij zelf aan de lunch zaten, bekeken we de beelden van de staatstelevisie. Ik zag de president met inktvinger en Samakuva, de leider van de oppositiepartij UNITA, zijn stembiljet in de –bus te gooien. Goed nieuws allemaal, zoals we van de staatstelevisie mogen verwachten. Maar omdat we alles willen weten, zetten we de radio weer aan. In tegenstelling tot de rest van Angola, zijn er in Luanda een aantal radiostations waar ook de oppositie een stem heeft. Daar horen we dat Samakuva zich afvraagt waarom het in Luanda zo rommelig is, maar zijn waardering uitspreekt voor de gang van zaken in de provincies. Morgantini, de voorzitter van de EU waarnemingsmissie geeft aan dat haar opmerking over chaos en wanorde niet het gehele verkiezingsproces beslaat, dat de stemgang over het algemeen rustig en normaal verloopt. Enkele kiezers in Luanda klagen dat de stembiljetten op zijn en dat ze naar een ander stembureau moeten. Al met al is het een gevarieerd beeld, waarin een observatie gedeeld wordt: dat er geen onrust is, dat mensen kalm zijn en zonder intimidatie kun stem kunnen uitbrengen.  
 
Als ik door de Wereldomroep word gebeld voor een analyse, krijg ik opeens ook een stem. Maar correspondent Jojanneke blijkt het moeilijk te vinden de complexe context in klare taal te ontrafelen. Hoe kan dat ook in een context die nog zo in beweging is? Gelukkig krijg ik ’s avonds bij BNN nog een kans, dan zal het vast duidelijker zijn. Maar helaas, niets blijkt minder waar. In het gesprek wordt ik geconfronteerd met nieuws dat bij ons nog niet bekend is, dat Samakuva nieuwe verkiezingen eist. Ik kan het me niet voorstellen en het lijkt me buitengewoon onwaarschijnlijk dat deze eis ingewilligd zal worden. Ik vertel over hoe de mensen bij ons in de wijk vol enthousiasme hebben gestemd en nu tevreden aan het bier zitten. Maar het slechte nieuws heeft Nederland eerder bereikt dan mijn kleine succesverhaal. Het slechte nieuws past ook zoveel beter bij de verwachtingen die men van Angola heeft. Dat ik zeg dat er geen nieuwe burgeroorlog zal komen, lijkt onvoorstelbaar. Ik probeer uit te leggen dat zelfs als UNITA zou willen -wat ik betwijfel-, het ze niet zou lukken een nieuwe burgeroorlog te beginnen. Ze hebben er simpelweg de middelen niet voor. Maar ik struikel over mijn woorden en terwijl het radiojingletje al klinkt, realiseer ik me dat het me niet gaat lukken uit te leggen waarom een land dat opkrabbelt na 27 jaar burgeroorlog, dat al 30 jaar dezelfde president heeft, die aan het hoofd staat van een oppermachtige partij; een land met een economische groei van bijna 30%, maar waar nog altijd 75% van de mensen onder de armoedegrens leeft, niet opnieuw in oorlog zal vervallen.
 
Er valt nog zoveel te zeggen. En er is ook zeker genoeg slecht nieuws om mee te delen. Die oppermacht van de MPLA bijvoorbeeld. De partij heeft zoveel geld en invloed dat de campagnevoering onmogelijk eerlijk kan worden genoemd. De overige partijen die meedongen om parlementszetels moesten wachten tot het hen toegezegde overheidsgeld beschikbaar kwam. Officieel kregen zij net zoveel als de MPLA. Toch lukte het de MPLA om veel eerder en met een onvoorstelbare hoeveelheid T-shirts en petten te komen, terwijl de kleinere partijen zich in het nauw werkte om wat stickers te drukken en zelf spandoeken beschilderden.
 
Ook de voorlopige resultaten laten zien dat er in Angola niet gesproken kan worden over een meerpartijen democratie. De MPLA heeft ruim 80% van de stemmen en heeft daarmee het recht in handen om al naar gelief de grondwet aan te passen. En de MPLA, dat is in essentie president José Eduardo dos Santos. Dat de oppositie de komende jaren verandering kan brengen in de status quo, is inmiddels uitgesloten. Verdergaande democratisering zal dus vanuit de gelederen van de MPLA moeten komen.
 
Deze historische verkiezingen hebben van Angola dus niet ineens een paradijs gemaakt, maar dat hadden we ook niet verwacht. Wat gehoopt werd is dat ze zouden laten zien dat de oorlog over is, dat het in een land als Angola lukt om in vrede en vrijheid je stem uit te brengen. Dat de uitslag van te voren al bekend was, doet niets af aan het belang van deze verkiezingen, het belang van het herwonnen vertrouwen in de veiligheid en een eerste kennismaking met democratisering. Er is dus ook goed nieuws. De ervaringen was positief en er is geen geweld uitgebroken.
 
In de Angolese media komen zowel de MPLA, UNITA en de overige partijen aan het woord, al blijft de MPLA natuurlijk domineren. Maar in de Nederlandse pers is het andersom, daar lijkt vooral het slechte nieuws door te dringen: de klachten van de oppositie. De woorden van Morgantini over de organisatorische chaos worden eindeloos herhaald, woorden die ze diezelfde dag nog heeft aangepast. Maar die aanpassing, die relativering, is te ingewikkeld. Het verhaal moet duidelijk blijven, met winnaars en verliezers, met ´good guys´ en ´bad guys´. Maar Angola is niet eenduidig; het is niet een verhaal, het zijn er miljoenen.
 
En terwijl ik me wentel in die complexiteit, geef ik jullie voor de verandering nog wat goed nieuws mee: de UNITA heeft de overwinning van de MPLA erkend en de Europese waarnemingscommissie heeft de verkiezingen eerlijk en transparant genoemd.
 
Goed nieuws!

 

 
 


Via de links hieronder kun je luisteren naar mijn pogingen de verkiezingen te omschrijven.
 
 
 
Lees meer...   (1 reactie)
Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl